Tijgergarnaal
De Tijgergarnaal heeft zijn naam te danken aan zijn gestreepte uiterlijk. Het is een brakwater garnaal hierdoor kan deze leven in zowel zoet-, als zoutwater. De smaak is vlezig en licht zoet.
De Tijgergarnaal heeft een honingkleurig lijf en zwarte, rode of blauwe strepen.. een andere variant is een blauw lijf met zwarte strepen, maar dit is een zeldzame vorm. Na het koken worden de strepen donkerder roze tot rood.. Ze kan ca. 6 cm groot worden. Meestal is ze 3 à 5 cm groot.
De Latijnse naam van de Tijgergarnaal is Penaeus spp. Onder meer in Indonesië worden deze garnalen gekweekt en gevangen in de ondiepe kustwateren. Wanneer deze garnalen in een behoorlijke groep bij elkaar leven zwemmen ze ontspannen de bak door en laten zich mee voeren met de stroming. Zijn ze met weinig, dan verstoppen ze zich tussen planten.
De voortplanting van deze garnalen gaat minder makkelijk. Ze kunnen slecht tegen zurig water en wanneer het water zuur is geweest kan het zelfs zijn dat ze niet meer kweken. Toch, onder goede omstandigheden, met vers water kunnen ze goed kweken. Om de 6 tot 8 weken brengen ze zo’n 20 a 40 jongen groot. Dit is wel afhankelijk van de temperatuur, bovendien kunnen ze rustpauzes inlassen waardoor zij zich een periode niet voortplanten.
Gamba
Gamba is een veel gebruikte naam voor een grote groep garnalen uit één familie, de zogenaamde peneïde garnalen. Een garnaal is een schaaldier dat behoort tot de kreeftachtigen. Hierdoor ontstaat vaak verwarring in de benamingen ‘scampi’ en ‘gamba’. Voor de duidelijkheid: een gamba is een grote garnaal en een scampi is een kleine kreeft. Wanneer ze als losse staarten worden verkocht is het verschil moeilijk te zien. De gamba wordt ook wel reuzegarnaal of Chinese garnaal genoemd.
Langoustines
De langoustine is het kleine familielid van de kreeft. Ze zijn beter bekend onder de Italiaanse naam scampi. De smaak van langoustine doet denken aan die van de gamba, de grote diepzeegarnaal. Langoustines worden meestal direct na de vangst ingevroren, want ze zijn veel minder lang houdbaar dan bijvoorbeeld kreeft of krab. Maar tegenwoordig zijn ze steeds vaker vers bij de viswinkel te koop. Kook verse langoustines 4-5 minuten. Laat de koppen eraan zitten (dat zijn de smaakmakers) en laat ze langzaam in het kookvocht afkoelen. Het kookvocht van langoustines is een heel goede basis voor soep en saus. Pellen doet u zo: breek eerst de staart af en verwijder vervolgens het schild. Dat gaat makkelijk als u de onderkant breekt door de 2 randen tegen elkaar te duwen. Het vlees van de scharen is moeilijker bereikbaar, maar het smaakt even lekker als de rest. Gebruik eventueel een kreeftevorkje